KAA Gent werd opgericht als voetbalafdeling van de Association Athlétique La Gantoise (AAG) op 31 oktober 1900. Stichters waren Hector Priem en Auguste Van de Kerckhove. De AAG was een Gentse multisportvereniging die in 1864 als Société Gantoise de Gymnastique was ontstaan en in 1891 fuseerde met de Association Athlétique. In 1914 ontving de vereniging de koninklijke titel en mocht ze zich de Association Royale Athlétique La Gantoise (ARAG) noemen. In 1972 werd de naam van de vereniging vernederlandst tot Koninklijke Atletiek Associatie Gent of KAA Gent.

De bakermat van het Belgische voetbal ligt in Melle, vlakbij Gent. In 1863 keerde de Ierse kostschoolganger Cyril Bernard Morrogh er uit vakantie terug met een voetbal. Oud leerlingen van het college waren later betrokken bij de oprichting van heel wat voetbalclubs en van de Belgische voetbalbond. Al in 1879 werd er in Gent gevoetbald in de Foot-Ball Club de Gand. In 1895 was de AAG als enige niet Brusselse club aanwezig op de eerste vergadering van de Union Belge des Sociétés des Sports Athlétiques, de voorloper van de Belgische voetbalbond. In 1899 ontstond de Racing Club de Gand (het huidige Koninklijke Racing Club Gent) uit een fusie van drie oudere Gentse voetbalclubs. 

Bij La Gantoise werd er voor 1900 al af en toe gevoetbald op het Sint-Denijsplein in Sint-Denijs Westrem of op het middenplein van de toenmalige wielerbaan aan de Godshuizenlaan. Vanaf november 1900 voetbalde de AAG op een braakliggend terrein tussen de huidige Kortrijksesteenweg, de Clementinalaan, de Oostendestraat en de Astridlaan: het Carpentierplein (Foto: de eerste ploegfoto van La Gantoise, 1900). Hoewel de kleuren van de multisportvereniging vanaf de jaren 1880 blauw en wit waren, speelde La Gantoise haar eerste wedstrijden in zwart en wit, de kleuren van Gent. Pas in augustus 1902 nam de voetbalafdeling de clubkleuren blauw en wit aan.

Omdat het Carpentierplein een openbare plaats was waar iedereen tijdens een voetbalwedstrijd zomaar kon oversteken, werd al snel uitgekeken naar een ander veld. De nieuwe thuishaven werd een terrein achter het Sint-Pietersstation, in de Musschenstraat (de huidige Achilles Musschestraat). De associatie verhuisde in 1904. In 1906 bouwde de AAG er een eerste tribune voor vijf tot zeshonderd personen.

BUFFALO KAA Gent heeft als bijnaam: de Buffalo’s. Elke wedstrijd wordt de kreet “Buffalo! Buffalo! KAA Gent!” op de tribunes geroepen. Dat is zo sinds de jaren ’20. De herkomst van de kreet dateert van 1895. Toen kwam het circus van de Amerikaan Buffalo Bill voor het eerst naar Gent. In de show werd het publiek aangespoord “Buffalo! Buffalo!” te roepen. Gentse studenten introduceerden de kreet in het Gentse studentenleven. Zo werd in 1913 Koning Albert I tijdens zijn bezoek aan de Gentse Universiteit verwelkomd met “Buffalo! Buffalo!”. Tijdens de Olympische Spelen van Antwerpen in 1920 beantwoordde de Belgische atleet Omer Smet, lid van de atletiekafdeling van KAA Gent, de luidruchtige Amerikaanse delegatie met “Buffalo! Buffalo!”. Samen met hem kreeg KAA Gent als bijnaam De Buffalo’s. De vereniging gebruikte dit voor het eerst in haar tijdsschrift in 1921. In 1924 verschijnt voor het eerst een indiaans opperhoofd op een supportersvlag. De lange tijd die verstreek tussen de komst van Buffalo Bill in 1895 en het gebruik van “Buffalo” in een sportieve context verklaart allicht waarom de cowboy Buffalo in 1924 een indiaan werd.

Het terrein in de Musschenstraat moest plaats maken voor de kantoren van de Gentse wereldtentoonstelling van 1913. In mei 1911 verhuisde de AAG naar een nieuw terrein aan de Albertlaan, waar de tribune van 1906 werd heropgebouwd en uitgebreid.  

La Gantoise werd kampioen in de tweede klasse in 1912-13 en maakte haar debuut in eerste op 7 september 1913 tegen Standard de Liège. Op dit moment werd ook de eerste supportersclub opgericht: Les Amis de l’AAG.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd tussen augustus 1914 en augustus 1919 geen voetbalcompetitie georganiseerd. Van de 800 clubleden die de associatie toen telde, vertrokken er 308 naar het front. 29 van hen kwamen om. Tijdens de oorlog verloor de ARAG haar tribune aan de Albertlaan. Op donderdag 9 december 1915 brak in de kleedkamers brand uit. De houten constructie brandde in 45 minuten helemaal af. Om de clubs de tijd te geven zich na de oorlog te reorganiseren, besliste de voetbalbond dat na het seizoen 1919-1920 geen enkele club zou degraderen of promoveren. Een gelukje voor La Gantoise: ze eindigden voorlaatste in de stand. Het volgende seizoen werden de Buffalo’s zevende in de Eere Afdeeling. De ARAG bloeide als nooit tevoren: in 1921 had de voetbalafdeling 740 leden.

Na WOI werden de sportinstallaties aan de Albertlaan onteigend. De Gantoise vond meteen een nieuwe locatie in Gentbrugge. Het nieuwe stadion werd genoemd naar Jules Otten, sinds 1895 secretaris-schatbewaarder van de club. Het werd op zondag 22 augustus 1920 officieel geopend in aanwezigheid van kroonprins Leopold.
De ster van het elftal was in die tijd Gustaaf Boesman (1899-1971). Hij was de eerste Buffalo die geselecteerd werd voor de Rode Duivels. Tussen 1926 en 1929 speelde hij 17 interlands en 3 olympische wedstrijden.

In het voetbalseizoen 1923-1924 kreeg de competitie een nieuwe formule. De drie laatste in de stand van de Eere Afdeeling degradeerden naar tweede nationale of promotie, waar 24 clubs onderverdeeld werden in twee reeksen. In het seizoen 1928-1929 eindigde de ARAG op de 13de plaats en was de degradatie naar de tweede afdeling een feit.

STAMNUMMER 7 In Sportleven, het officiële blad van de Belgische voetbalbond, verscheen in 1926 een lijst met stamnummers voor de clubs die voor dat jaar waren opgericht volgens hun oprichtingsdatum. La Gantoise kreeg stamnummer 7. Voor onze vereniging werd een uitzondering gemaakt als dank voor de aanwezigheid van de AAG op de eerste vergadering van de Union Belge des Sociétés des Sports Athlétiques in 1895. Racing Club de Gand moest zich met stamnummer 11 tevreden stellen.

Van de doortocht in tweede nationale maakte voorzitter Adrien Stassaert gebruik om het Jules Ottenstadion uit te breiden. Onder impuls van jongeren als Marcel Dereuse en Freddy Chaves dwong de ARAG in het seizoen 1935-1936 promotie af naar de eerste afdeling. Daar zouden de Buffalo’s blijven tot de degradatie in 1966.
In 1934 richtte Gust Deprez de federatie van supportersclubs op. Bij belangrijke wedstrijden op verplaatsing reisden zes- tot zevenhonderd supporters mee. Voor en na elke thuiswedstrijd trokken supporters in stoet van hun supporterslokaal naar Gentbrugge. De ARAG had in die dagen zelfs een eigen fanfare: de Buffalo’s.
Enkele dagen voor de Duitse inval werd de voetbalcompetitie stopgezet. De reguliere competitie werd hervat vanaf het seizoen 1941-1942. Door de oorlogsomstandigheden werden de voetbaljaren 1943-1944 en 1944-1945 niet afgewerkt. Het Jules Ottenstadion kreeg het tijdens de oorlog zwaar te verduren. Er ontstonden plannen om een nieuw stadion te bouwen in de Neermeersen, aan de nog te realiseren Watersportbaan. 

Na de oorlog werd beslist om in Gentbrugge te blijven en het stadion uit te bouwen. Van 1950 tot 1955 werd het stadion fors uitgebreid. Het Jules Ottenstadion bood voortaan plaats aan 25.000 toeschouwers. La Gantoise was van het seizoen 1947-1948 tot 1958-1959 de enige club uit Oost- en West-Vlaanderen in de hoogste afdeling, behalve in de seizoenen 1949-1950 en 1950-1951 (Club Brugge) en 1952-1953 (Racing Gent). De Buffalo’s draaiden in die periode mee aan de top van het klassement: ARAG werd vierde in 1949-1950, derde in 1953-1954, 1956-57 en 1957-1958 en werd vicekampioen in 1954-1955. Op de tribunes klonk ook in die tijd de Buffalomars, het clublied dat in het begin van de jaren vijftig werd geschreven op muziek van Gentenaar Charles Schollaert.

Op het einde van de jaren ’50 was het Jules Ottenstadion het decor van enkele opvallende demonstratiewedstrijden. Op 9 juni 1957 kwam Real Madrid op bezoek. La Gantoise werd voor de gelegenheid versterkt met Rik Coppens (Beerschot) en André Piters (Standard de Liège). De 20.000 toeschouwers kregen voetballes te zien van de Madrilenen: het werd 0-9. Op 30 mei 1959 kwam het Braziliiaanse Santos met de toen 18-jarige Pélé op bezoek. La Gantoise won in een met 25.000 toeschouwers uitverkocht Jules Ottenstadion de wedstrijd met 2-1. Richard Orlans maakte het eerste doelpunt, Pelé scoorde de gelijkmaker en Leon Mokuna haalde de overwinning voor de Buffalo’s binnen. Bij La Gantoise speelden eenmalig Gaston Van der Elst (Eendracht Aalst) en de internationals Paul Vandenbergh (Union) en Fernand Goyvaerts (Club Brugge). Op 13 juni 1960 kwam Santos FC opnieuw naar Gentbrugge: het klopte de Gantoise, zonder extra versterking deze keer, met 2-5.

DE KLEINE DOKVRIENDEN 1 juni 1952 is de zwartste dag uit de geschiedenis van KAA Gent. Op Pinkstermaandag verloren 35 leden van supportersclub De Kleine Dokvrienden (Stapelplein) het leven in Gravelines in Noord-Frankrijk. Ze waren op uitstap, een compensatie van de busmaatschappij voor een afgelaste verplaatsing naar Standard de Liège, toen hun bus de bocht naar het smalle bruggetje miste en in het water belandde. Op 7 juni had een massale begrafenisplechtigheid plaats. Onder leiding van de politieharmonie trok een indrukwekkende rouwstoet van de Bijloke naar de Westergembegraafplaats, waar de slachtoffers werden begraven. In Gravelines staat nog steeds een gedenkteken voor de overleden Buffalo’s.  Aan de gevel van de parochiekerk Onze Lieve Vrouw Bijstand op de Afrikalaan hangt een gedenkplaat.

100 jaar na haar oprichting had de ARAG eindelijk haar eerste prijs te pakken: de Beker van België. Op 24 mei 1964 speelde La Gantoise tegen KFC Diest op de Heizel in Brussel. Voor amper vijf- à zesduizend toeschouwers kwam Diest in de tweede helft 0-2 voor. Eric Lambert – in de jaren ’60 zes keer Gentse topscorer -  bracht de Buffalo’s nog voor affluiten op gelijke hoogte. In de verlengingen brachten Albert Mayama en opnieuw Eric Lambert de eindstand op 4-2. La Gantoise mocht als eerste Belgische team deelnemen aan de Europacup II. Ze werden meteen uitgeschakeld door de Engelse grootmacht West Ham United (thuis 0-1, uit 1-1), dat het tornooi ook zou winnen.

ARMAND SEGHERS  Tussen 1949-1950 en 1965-1966 was Armand ‘Mance’ Seghers doelman van KAA Gent. In die 17 seizoenen stond hij 507 wedstrijden in het doel, waarvan 158 opeenvolgend. Tussen 1951 en 1960 verzamelde hij tevens 20 selecties voor de nationale ploeg. Hij speelde 11 interlands. In 2000 werd Armand Seghers door de Gentse supporters uitgeroepen tot Buffalo van de eeuw.

ARA La Gantoise eindigde in 1964-1965 op de twaalfde plaats op amper drie punten van de degradatie. De supporters haakten af. Zelfs voor topwedstrijden kwamen er geen 10.000 toeschouwers meer opdagen. In 1965-1966 was de degradatie een feit. Toch slaagde La Gantoise er in meteen terug te keren. Seizoen 1969-1970 werd opnieuw een topjaar. ARA La Gantoise eindigde derde en mocht opnieuw proeven van Europa. Het feest was echter van korte duur. Tegen Hamburg gingen de Buffalo’s kansloos onderuit (7-1). 

Het werd de voorbode van een zwart seizoen dat troosteloos eindigde met een ticket naar tweede klasse. Op 1 juli 1972 werd de naam van de club vernederlandst. In datzelfde jaar werd KAA Gent officieel een profclub. In 1973-1974 gebeurt het onmogelijke: KAA Gent eindigt allerlaatste en ook in de eindronde loopt het helemaal fout. De Buffalo’s zakken naar derde klasse. 

Ex-topspeler Richard Orlans haalde als coach KAA Gent dan wel meteen weg uit derde nationale, de degradatie naar derde bracht de associatie in financiële moeilijkheden. Albert De Meester, ‘de betonbaron’, werd in 1976 de nieuwe voorzitter en geldschieter van de club. Ondanks dat Buffalo’s nog een tijdje in tweede bleven hangen, steeg het aantal toeschouwers gestaag. In 1978-79 zaten er opnieuw gemiddeld 10.000 supporters op de tribunes. Onder impuls van Aad Koudijzer en met Léon Nollet op de trainersbank werd KAA Gent in 1979-80 eindelijk kampioen in de tweede klasse. 

In haar eerste seizoen na de terugkeer in eerste eindigde KAA Gent tiende. Oud-speler Robert Goethals bracht de Buffalo’s in 1981-1982 naar de derde plaats en een ticket voor de UEFA Cup, waar de Gentenaars meteen werden gewipt door het Nederlandse Haarlem. Erwin Vandendaele, die de sportieve leiding had overgenomen, leidde KAA Gent naar de vierde plaats en opnieuw naar de UEFA Cup. Deze keer was Racing Lens meteen een maatje te groot. 
 

EEN NIEUWE BEKERTRIOMF IN 1984 Het matige seizoen 1983-1984 wordt afgesloten met een nieuw voetbalfeest onder de bollen van het Atomium.  Meer dan 10.000 Gentenaars trekken op 5 mei 1984 naar de hoofdstad. De tegenstander, Standard de Liège, treedt aan met een b-elftal omdat de meeste basisspelers geschorst. Een onderzoek naar zwart geld in het Belgische voetbal wees uit dat een wedstrijd van de Luikenaars gefikst was. KAA Gent wint de partij na verlengingen met 2-0.  In de eerste verlening opent de Nederlander Cees Schapendonk de score. Verdediger Michel De Wolf legt vlak voor affluiten de 2-0 eindstand vast.  Opnieuw kan KAA Gent Europa in. In Europacup II wordt de Schotse grootmacht Celtic Glasgow de eerste en meteen ook laatste tegenstander. KAA Gent wint nog wel de heenwedstrijd met een doelpunt van Hubert Cordier. Veertien dagen later worden de Buffalo’s uitgeschakeld met 3-0.

Sportief gaat het KAA Gent niet voor de wind. In 1988 duikelt de associatie opnieuw naar tweede afdeling. In datzelfde jaar wordt Jean Van Milders de nieuwe voorzitter van KAA Gent. 

Dankzij de eindronde kunnen de Buffalo’s meteen terugkeren naar eerste afdeling. In 1990-91 strijdt KAA Gent zelfs lange tijd mee voor de titel, doch strandt op een derde plaats. In 1991-92 eindigt een mooie campagne in de kwartfinale van de UEFA Cup tegen Ajax Amsterdam. De Buffalo’s slagen er echter niet in een plaats in de Belgische subtop vast te houden. Van 1994 tot en met 1997 eindigen de Buffalo’s net boven de degradatiezone.

Op 10 september 1998 barst in het Ottenstadion een bom. Trainer Johan Boskamp maakt bekend dat een torenhoge schuldenlast zijn ambitieuze sportieve plannen hypothekeert. KAA Gent staat op de rand van het bankroet door de bouw van nieuwe tribunes 1 en 3 in het Jules Ottenstadion (in 1986 en 1992), de aankoop van verschillende huizen rond het Ottenstadion en de bouw van een nieuw oefencomplex aan de Warmoezeniersweg. Daarnaast is er een onbetaalde boete uit het verleden aan de fiscus na de zwartgeldaffaire Bellemans en een uitstaande schuld bij de familie van wijlen Albert De Meester. KAA Gent heeft op dat ogenblik een jaarbudget van ongeveer 200 miljoen Bef of 5 miljoen euro en een veelvoud van dit bedrag aan schulden. Voorzitter Jean Van Milders werkt een schuldenherschikking uit en doet een beroep op de Stad Gent voor een borgstelling. Omdat KAA Gent geen behoorlijk dossier kan voorleggen beslist de Stad in februari 1999 niet in te gaan op de vraag. De strop dreigt voor stamnummer 7.

Jean Van Milders zet een stap terug. Ivan De Witte neemt de fakkel over. Hij stelt vier doelen: de financiële puinhoop opruimen, een gezond beleid voeren, sportief ambitieus blijven en een nieuw stadion bouwen. Hij laat onmiddellijk een nieuwe onafhankelijke audit uitvoeren. De resultaten verklaren KAA Gent virtueel failliet. De reële schuld is nog een stuk hoger dan eerder ingeschat: 920 miljoen Belgische frank of omgerekend naar onze huidige munt 23 miljoen euro. 

KAA Gent en de Stad Gent gaan samen op zoek naar een duurzame oplossing. In juni 2000 wordt een akkoord bereikt dat door de Gentse gemeenteraad in november 2000 wordt bekrachtigd. De Stad Gent koopt het Ottenstadion, investeert met het oog op het behalen van een licentie om Europees voetbal te mogen spelen in tijdelijke infrastructuur (de helft van de totale kost) en engageert zich om samen met KAA Gent op zoek te gaan naar een geschikte locatie en naar partners voor de bouw van een nieuwe moderne voetbaltempel voor 20.000 supporters. 

Hierdoor wordt de sanering ingezet. Hoofdsponsor VDK laat in ruil voor garanties voor een verantwoord financieel beheer een deel van de schulden vallen. Algemeen manager Michel Louwagie maakt er - in samenwerking met de scoutingcel - zijn handelsmerk van jonge toptalenten aan te trekken en die op het juiste moment met een flinke opbrengst door te verkopen zonder de club daarbij sportief te verarmen. Tussen 2000 en 2010 worden maar liefst voor 45 miljoen euro aan spelers verkocht. KAA Gent is verlost van de gigantische schuldenberg!

Sportief beginnen de jaren 2000 veelbelovend. Trainer Trond Sollied dwingt meteen Europees voetbal af met een mooie derde plaats. Hij verlaat de club al na één jaar. Na enkele overgangsjaren haalt KAA Gent in 2004 Georges Leekens in huis. De Buffalo’s eindigen zesde in 2005 en vierde in 2006 en 2007.

In juni 2007 keert de werkloze Noor Trond Sollied terug naar zijn oude liefde. Hij eindigt zesde in de competitie maar maakt voor de supporters een lang gekoesterde droom waar door KAA Gent in 2008 naar de finale van de Beker van België te loodsen. Op 17 mei 2008 trekken 20.000 Gentenaars in 224 bussen en honderden auto’s naar het Koning Boudewijnstadion in Brussel. In Gent zelf volgen 3.000 thuisblijvers de wedstrijd op een groot scherm op het Sint-Pietersplein. Op de Sint-Baafskathedraal wordt een blauwwitte vlag gehesen van 36 m² groot. KAA Gent verliest de spectaculaire wedstrijd met 2-3. Ondanks de nederlaag verzamelen na afloop van de wedstrijd in Gent 6.000 supporters voor een begroeting van de spelers. Het besef groeit dat KAA Gent stilaan klaar is voor de stap naar de top.

VICEKAMPIOEN EN BEKERWINNAAR 2010 In de zomer van 2008 stelt KAA Gent een nieuwe trainer voor. Michel Preud’homme, pas kampioen geworden met Standard de Liège, wordt sportief leider van de Buffalo’s. Hij blijft twee seizoenen. 2008-2009 eindigt met een vierde plaats in de rangschikking. Het seizoen 2009-2010 wordt een absoluut hoogtepunt in de clubgeschiedenis. In de reguliere competitie eindigt KAA Gent op een fraaie derde plek. In de play-offs stunten de Buffalo’s zich op 8 mei 2010 tot vice-kampioen van België na een 6-2 overwinning tegen de rivalen uit Brugge. KAA Gent evenaart haar record uit 1955 en plaatst zich voor het eerst in de clubgeschiedenis voor de voorrondes van de Champions League. Als klap op de vuurpijl wint KAA Gent een week later, op 15 mei 2010, de Beker van België na een 0-3 overwinning tegen Cercle Brugge. Dit keer reizen 24.000 supporters naar Brussel en moedigen er meer dan 10.000 fans de Buffalo’s aan op het Sint-Pietersplein. 12.000 fans verwelkomen na middernacht de Cofidis Cup in de stad. 

Deze resultaten in het seizoen 2009-2010 brengen KAA Gent opnieuw in Europa. In de voorrondes van de Champions League worden de Buffalo’s kansloos uitgeschakeld door Dinamo Kiev. Ten voordele van het Nederlandse Feyenoord Rotterdam wordt de groepsfase van de Europa League bereikt, waar het op de laatste speeldag strandt op een derde plaats na zeges tegen Levski Sofia en Sporting Lissabon. De reguliere competitie wordt afgesloten op een mooie derde plek, doch in de play-offs vallen de Buffalo’s terug naar de vijfde plek en naast Europees voetbal. De derde passage van Trond Sollied in 2011-2012 moet KAA Gent opnieuw op het Europese toneel brengen.

Geen schulden meer en toch sportief ambitieus blijven. Het zijn slechts twee van de vier doelstellingen die Ivan De Witte zich bij zijn aantreden in 2000 heeft gesteld. Een nieuw stadion bouwen, ook dat is het opzet. 

Samen met de Stad gaat KAA Gent in 2000 op zoek naar een geschikte plek, kapitaal en partners om KAA Gent een moderne hedendaagse voetbaltempel te bezorgen. Het Ottenstadion heeft immers zijn beste tijd gehad: het is te klein, oncomfortabel, er zijn geen uitbreidingsmogelijkheden, amper persfaciliteiten en het ligt midden in een woonbuurt. Om het economisch draagvlak van de club te vergroten is bovendien een uitbreiding van de businessmogelijkheden noodzakelijk. 

In mei 2003 wordt een keuze gemaakt: de nieuwe thuishaven, het Arteveldestadion, wordt gebouwd op de site van de Groothandelsmarkt, vlakbij de snelwegen E17 en E40. Tegen 2007 wordt de gewezen Groothandelsmarkt gesloopt. In januari 2008 wordt na een lange procedure een eerste bouwvergunning afgeleverd. In september 2008 volgt de officiële eerstesteenlegging, doch al snel leggen financiële strubbelingen de bouwactiviteiten stil. In december 2010 wordt een financieringsovereenkomst getekend tussen de Stad Gent,  KAA Gent Ghelamco. Op 17 juli 2013 startte KAA Gent het seizoen in haar nieuwe thuis: de Ghelamco Arena. Met de nieuwe infrastructuur zou Gent de aansluiting moeten vinden met de Belgische voetbaltop.

De intense samenwerking tussen de Stad Gent en KAA Gent bij de realisatie van het nieuwe stadion leidt ook tot een maatschappelijke samenwerking. Sinds 2011 is vzw Voetbal in de stad, de communitywerking van KAA Gent, een unieke publiek-private samenwerking tussen de club, de lokale overheid en de supporters van KAA Gent.  Met vele tientallen initiatieven gebruik de organisatie de wervende kracht van KAA Gent ten voordele van de samenleving. Het opzetten van sociale projecten, het verhogen supportersbetrokkenheid, het coördineren van een open stadionwerking, het organiseren van een niet-commerciële publiekswerking en het nemen van maatschappelijke  initiatieven rond jeugdvoetbal zijn de gestelde doelen. En dit alles onder het motto: wij zijn KAA Gent, wij zijn meer dan voetbal.


KAMPIOEN VAN BELGIË 2014-2015 Het eerste seizoen in de Ghelamco Arena eindigde KAA Gent op een teleurstellende 7de plaats. In de zomer van 2014 nam Hein Van Haezebrouck het sportieve roer in handen. Na de reguliere competitie stonden de Buffalo’s  knap tweede. KAA Gent denderde ook door de Play Offs. Standard Luik (1-3), KV Kortrijk (0-1) en Club Brugge (2-3) werden in eigen huis geklopt. KV Kortrijk (2-0) en RSC Anderlecht (2-1) werden in Gent over de knie gelegd. Op donderdag 21 mei 2015 speelde KAA Gent om de landstitel. Standard Luik werd met 2-0 verslagen in een zinderende Ghelamco Arena. Sven Kums en Renato Neto scoorden de doelpunten. KAA Gent werd voor het eerst in haar 115 jarig bestaan landskampioen en plaatste zich rechtstreeks voor de groepsfase van de UEFA Champions League 2015-16. Op zondag 24 mei 2015 werd KAA Gent door 125.000 supporters ingehaald in een feestende stad. Het grootste supportersfeest uit de geschiedenis van het Belgische voetbal was een feit.

Het eerste optreden van KAA Gent in de groepsfase van het Kampioenenbal wordt meteen een groot succes. Met overwinningen op het veld van Olympique Lyonnais en thuis tegen Valencia FC en Zenith Sint-Petersburg, halen de Buffalo’s 10 punten en plaatsen ze zich voor de 1/8 de finales van de UEFA Champions League. Daar treft de Gentse trots het Duitse VfLWolfsburg (T 2-3, U 1-0). 

Dit sportieve hoogtepunt uit de Gentse voetbalgeschiedenis komt ook tot uiting bij de uitreiking van de Gouden Schoen 2016. Kapitein Sven Kums wordt met ruim verschil verkozen tot beste voetballer van het voorbije jaar. Met ook nog Depoitre en Milicevic bezet AA Gent het volledige podium. Hein Vanhaezebrouck wordt de coach van het jaar, Matz Sels doelman van het jaar. 2016 is een jaar om nooit meer te vergeten. 

In de Beker van België 2015-16 halen de Buffalo’s voor het derde seizoen op rij de halve finale. Het voetbalseizoen 2015-16 wordt afgesloten op een mooie derde plaats. In 2016-17 wacht de UEFA Europa League.

Deze rubriek wordt verzorgd door de communitywerking van KAA Gent. Vzw Voetbal in de stad verzorgt de erfgoedwerking van KAA Gent. Voor meer toelichting: contact@voetbalindestad.be